Tigre Benelux
»
Nieuwsbrief
»
Gebruik PBM
»

Controle van PBM

Controle van PBM

Moeten PBM voor valbescherming periodiek gecontroleerd worden?

Het is zeer belangrijk voor de gebruiker om zijn uitrustingen op regelmatige basis te controleren op gebreken.

Bijna alle fabrikanten vermelden in hun gebruiksaanwijzing dat men zijn uitrustingen moet controleren:

  • Visueel voor elk gebruik.
  • Grondig om de 3 maanden.
  • Maar zeker om het jaar door een competent persoon.

Zie hier enkele voorbeelden van deze meldingen in de gebruiksvoorschriften van fabrikanten:

Fabrikant HONEYWELL (Miller Harnassen)
Dit PBM dient minstens één keer per jaar door de fabriek of een erkende reparateur nagekeken te worden, en de controlebeurt dient op de bijgaande kaart genoteerd te worden. De frequentie van het onderzoek moet worden verhoogd in functie van de reglementering, in het geval van intensief gebruik of van gebruik onder moeilijke omgevingsomstandigheden.
Fabrikant Singing Rock: PBM voor valbescherming – Voorlopige Levenslijn

Behalve van vereiste inspecties die door de gebruiker worden uitgevoerd, moet dit product minstens eens om de twaalf maanden door een bekwame persoon worden gecontroleerd erkend door de fabrikant en vol-gens de procedures van de fabrikant.

Fabrikant TRACTEL (Tractel Harnassen)

Een jaarlijkse controle is noodzakelijk, maar in functie van de gebruiksfrequentie, de omgevingsomstandigheden, van reglementering van het bedrijf of van het land van gebruik, kunnen deze controles frequenter zijn.
De periodieke controles moeten door een bevoegd persoon uitgevoerd worden, volgens de controlewerkwijzen van de fabrikant.

Fabrikant Honeywell: Levenslijn met kabel

3.5.3 PERIODIC INSPECTION
The Xenon lifeline is a safety element and, accordingly, requires the periodic checking (once yearly) of the installation by a competent person to verify its performance.

Competent person: A competent person van be considered as anybody with the training and/or experience with sufficient knowledge of safety devices against falls from a height, and the appropriate legislation to evaluate compliance safety and use of a safety device.

Het feit dat de fabrikanten dit vermelden in hun gebruiksaanwijzingen komt omdat ze de overkoepelende norm EN365 moeten volgen en deze norm schrijft voor:

INSTRUCTIES BETREFFENDE DE PERIODIEK CONTROLES TE VERMELDEN DOOR DE FABRIKANT:
aanbevelingen betreffende de frequentie van deze controles: ten minste 1 maal om de 12 maanden door een competent persoon en in totaal respect van de instructies voor periodieke controles opgelegd door de fabrikant

Wat staat er hierover vermeld in de Belgische wetgeving: zie KB van 13.06.2005 betreffende het gebruik van PBM:

Art. 18. De P.B.M. worden gebruikt overeenkomstig de gebruiksaanwijzing van de fabrikant.

Art. 21. De werkgever zorgt op zijn kosten voor het onderhoud, reinigen, ontsmetten, herstellen en het tijdig vervangen van de P.B.M, dit met het oog op een goede werking ervan.

De P.B.M. worden onderhouden, gereinigd, ontsmet en hersteld volgens de aanwijzingen bepaald in de gebruiksaanwijzing van de fabrikant.

Art. 27. § 1. Onverminderd de controle opgelegd door artikel 22 bij elk gebruik, zijn de P.B.M tegen het vallen onderworpen aan een onderzoek door een externe dienst voor technische controles op de werkplaats, erkend voor de controle van hefwerktuigen:
1° wanneer deze P.B.M. blijvend bevestigd zijn: telkens de betrokken P.B.M. de val van een persoon hebben gestuit.
2° wanneer deze P.B.M niet blijvend bevestigd zijn: ten minste om de twaalf maanden en telkens de betrokken P.B.M. de val van een persoon hebben gestuit.
Deze onderzoeken worden uitgevoerd overeenkomstig de instructies inzake controle bepaald in de gebruiksaanwijzing van de fabrikant van het PBM.

Om de punten, vermeld in artikel 27, te analyseren, verwijs ik U naar Controle van VASTE ankerinrichtingen & Ankerinrichtingen: PBM of niet waarin deze worden omschreven.

Dus we onthouden vooral dat het een wettelijke verplichting is om de gebruiksaanwijzing van de fabrikant te volgen.

In aansluiting hiervan moet de zeer belangrijke vraag gesteld worden,
IS DE WERKGEVER DIE EEN PBM VOOR VALBESCHERMING (ZOALS HARNASSEN, VANGLIJNEN, ETC….) VOOR ZIJN WERKNEMERS VOORZIET, WETTELIJK VOLLEDIG IN ORDE INDIEN DE JAARLIJKSE PERIODIEKE CONTROLE, ZOALS VOORGESCHREVEN IN HET KB VAN 13.06.2005 VOOR “NIET PERMANENTE PBM”, ENKEL EN ALLEEN WORDT UITGEVOERD DOOR EEN EDTC?

Eerst en vooral even vermelden dat deze situatie in Europa enkel geldig is in België en GH Luxemburg: in de andere landen is het meestal de verdeler van antival PBM, op voorwaarde natuurlijk dat hij gecertificeerd is door zijn fabrikant, die deze periodieke controles uitvoert.
Bij grote bedrijven, zal de werkgever één of meerdere personen deze opleiding laten volgen om zo een gecertificeerd person in het bedrijf te hebben.

Persoonlijk, vrees ik echter dat indien een antival PBM gebreken zou hebben en de eigenaar niet kan aantonen dat hij deze jaarlijks heeft laten controleren bij de fabrikant of zijn “gemandateerde” (competent persoon), deze laatste de wettelijke mogelijkheid zal hebben om de eigenaar aan te tonen dat hij de gebruiksaanwijzingen niet gevolgd heeft en dus niet in orde is met zijn “Jaarlijkse PBM keuringen”.

Indien dit “zou” blijken, is dit een zeer slechte zaak voor de gebruiker die zich dus met antival PBM beschermt waarvan o.a. de fabrieksgarantie in gevaar zou kunnen komen.

Tijdens mijn opleidingen, vergelijk ik dit vaak met de aankoop van een nieuwe wagen:
Als je deze “periodiek” (bepaald door het aantal gereden kilometers) laat onderhouden door een plaatselijke garagist die misschien uitstekend werk aflevert maar niet is gecertificeerd door de fabrikant van de wagen, dan mag je er zeker van zijn dat de garantie, bij gebreken, niet zal in rekening gebracht worden als de periodieke controles niet door een erkende garagist zijn uitgevoerd.

Ik heb zelf in de laatste 20 jaar cursussen gevolgd bij verschillende fabrikanten om hun uitrustingen periodiek te kunnen en mogen keuren maar er bestaat hiervan geen éénsgezinde cursus over.
Elke fabrikant heeft voor een klein gedeelte (10%) andere “keuringscriteria”.

Dit is een zaak die volgens mij van zeer dichtbij zou moeten onderzocht worden.

Men moet de vraag stellen:

  • Mag een EDTC toelaten dat agenten keuringen uitvoeren op antival PBM zonder dat ze hiervoor gecertificeerd zijn door de fabrikant of ten minste een algemene cursus hiervoor hebben gevolgd?
  • Bieden de huidige keuringen, uitgevoerd door EDTC personeel, de nodige zekerheid dat het PBM voldoende bescherming biedt voor de volgende 12 maanden?

Dit artikel is een persoonlijke visie op de bestaande wetgeving en normen.

Groeten,

Frank Louwet
Specialist Valbescherming PBM